8/21/2016

 

A crack in everything

Leonard Cohen zingt: "There is a crack in everything, that's how the light gets in." Dat vind ik een mooi beeld. Eigenlijk had er "everyone" moeten staan in plaats van "everything". Een zwaar gehandicapte vrouw schreef daarover in Volzin, dat alle mensen beperkingen hebben, alleen op verschillende gebieden en in meer of mindere mate. Alleen God is onbeperkt.

Als ik iemand tegenkom die heel rijk, knap en succesvol is dan lijkt het of diegene geen beperkingen heeft (hoewel die er toch vast wel zijn). En dan voel ik me daar altijd wat ongemakkelijk bij.



8/15/2016

 

Moeten immigranten assimileren? Onzin

In het NRC van zaterdag stond dat migratiehoogleraar Koopmans vindt dat immigranten moeten assimileren. Hij vindt dat migranten vooral zelf verantwoordelijk zijn voor hun achterstand. Hij beweert dat deze beleidsaanbeveling voortkomt uit onderzoek dat hij heeft gedaan (ik zie nu dat ik in maart hier ook al schreef over zijn onderzoek). Op de pagina ernaast staat een artikel van studenten die protesteren tegen de aanbevelingen van Koopmans. Ik ben het helemaal met de studenten eens.

Hoezo assimilatie? Wat schieten we daar mee op? Ik heb eerst even op http://www.encyclo.nl gekeken naar de betekenis van het begrip "culturele assimilatie": Culturele assimilatie (ook wel kortweg assimilatie) is een begrip uit de sociologie voor een proces van consistente integratie waardoor leden van een ethno-culturele groep (zoals immigranten of minderheidsgroepen) opgaan in, oftewel geabsorbeerd worden door een gevestigde, doorgaans grotere gemeenschap of cultuur. De betreffende groep gaat daarmee uiteindelijk op in de dominerende cultuur. Dit veronderstelt bij de geabsorbeerde groep het verlies van bepaalde onderscheidende kenmerken, bijvoorbeeld in de sfeer van kleding, spraak of manieren, ten gevolge van het contact met die andere cultuur of gemeenschap.

Ik heb net "Ik was een van hen" gelezen van Maarten Zeegers, over moslims / allochtonen in Transvaal in Den Haag. De wijk bestaat voor 75% uit moslims en voor meer dan 90% uit allochtonen. Iedere subcultuur of religieuze stroming heeft een eigen ontmoetingsplek in de vorm van een eigen buurthuis, moskee of snackbar. Dat deze segregatie tegen gegaan moet worden is duidelijk, maar hoe realistisch is het om te verwachten dat alle mensen in deze wijk (behalve de minder dan 10% autochtonen) afstand zullen nemen van de "onderscheidende kenmerken" van hun religieuze en culturele wortels en dat zij opgaan in de dominante Nederlandse cultuur (die in Transvaal niet bepaald dominant is)? En als het al zou lukken om hen te assimileren / te absorberen, zou dat dan de problemen oplossen?

De Chinezen in China Town, een wijk verderop, zijn ook niet geassimileerd. Zij hebben nog steeds hun eigen ontmoetingsplekken (maar niet zo extreem verzuild per stroming als in Transvaal), hun eigen taal, hun kranten, kleding en manieren. Toch hebben zij veel minder achterstanden. Blijkbaar kan dat zonder te assimileren.

Je kunt zoals Koopmans zeggen dat minder succesvolle immigranten zelf verantwoordelijk zijn voor hun achterstanden, maar ook met die bewering schieten we als samenleving niet zoveel op (en het is ook niet waar want een beter integratiebeleid had een groot verschil kunnen maken).

Als we echt iets willen doen aan de problemen en achterstanden van mensen in wijken zoals Transvaal, dan zullen we dat gezamenlijk moeten doen. Dan kunnen we niet tegen immigranten - inclusief de tweede en derde generatie - zeggen dat ze het maar zelf moeten uitzoeken omdat het hun eigen schuld is. We zijn als samenleving met de overheid en burgers gezamenlijk verantwoordelijk voor het creëren van een leefbare samenleving met kansen voor iedereen.


7/21/2016

 

Over racisme en "de witte man"

Een maand geleden stond in het NRC dat Quinsy Gario vond dat "oplossingen voor racisme niet kunnen komen van witte geprivilegieerde mannen". Ik was het toen niet met hem eens. Als je met de naam Mohammed een sollicitatiebrief stuurt, is de kans dat je op gesprek wordt gevraagd meteen een stuk kleiner dan met een typisch Nederlandse naam. Je wordt bij voorbaat uitgesloten, ongeacht je kwaliteiten, je wordt gediscrimineerd op basis van je achtergrond. En nu wil Quinsy witte mannen ook gaan discrimineren, die worden bij voorbaat uitgesloten voor het bedenken van oplossingen, ongeacht hun kwaliteiten.

En toen las ik in de Groene Amsterdammer dat "dé witte man" helemaal niet bestaat, aangezien dat een categorie is met een zeer grote diversiteit daarbinnen. Daar was ik het helemaal mee eens.

Maar nu las ik een artikel van Herman Vuijsje in het NRC van afgelopen zaterdag, en in dit geval moet ik Quinsy Gario toch wel gelijk geven: van deze "witte man", kunnen we denk ik geen goede oplosing voor racisme verwachten, want volgens hem is er geen probleem. Het gaat natuurlijk niet om zijn huidskleur op zich, maar het gaat er wel om dat hij op het gebied van racisme geen ervaringsdeskundige is en dat de ideeën die hij verwoordt in het artikel daardoor veel te abstract zijn. Hij haalt er allerlei academische onderzoeken bij, maar hij kijkt niet naar de dagelijkse praktijk en ervaringen van de mensen om wie het gaat. Aan hen wordt niets gevraagd.

Volgens Vuijsje herleeft (ten onrechte) een beeld van een racistisch Nederland omdat "een minderheidsgroep die bezig is zijn achterstandspositie in te lopen, extreem gevoelig is voor iedere mogelijke verwijzing naar zijn anders-zijn. Racisme? Welnee, emancipatiekramp. Deze kramp is een hoogoplopende gevoeligheid die kenmerkend is voor de overgangstijd naar maatschappelijke gelijkstelling."  

Racisme is volgens Vuijsje dus nauwelijks een probleem in de huidige Nederlandse samenleving. Allochtonen zijn alleen overgevoelig in hun proces richting gelijkstelling. Volgens mij is die gelijkstelling ver te zoeken en is de kern van het probleem toch echt iets anders dan overgevoeligheid van allochtonen. Herman Vuijsje zou eens wat achterstandswijken in moeten gaan en met willekeurige 'allochtonen' moeten praten. Volgens mij is er niemand die het met hem eens is.

En zo kom ik dan weer uit bij Levinas dat je mensen voor zichzelf moet laten spreken, Niet Invullen Voor Een Ander. Als je wilt weten of er een probleem is met racisme in Nederland op dit moment, dan moet je het vragen aan de mensen die er zelf last van hebben. 

4/08/2016

 

Belevenissen bij Bakker Bart

Ik begon mijn werkdag vaak met een ontbijtje bij La Place van V&D, maar nu dat niet meer kan doe ik maar Bakker Bart. Het is eigenlijk leuker hier, want voor een socioloog zoals ik is dit een prachtige plek voor participerende observaties (net als LA American Food waar ik eerder over schreef). Het is de locatie van Bakker Bart vlakbij het Centraal Station. Ik heb altijd het gevoel dat ik hier in een grote Europese stad ben, bijvoorbeeld Brussel, een stad met grote tegenstellingen tussen de dure glimmende gebouwen / mantelpakjes enerzijds en bouwvallen / mensen aan de onderkant van de samenleving anderzijds. De achtergronden van de mensen die bij Bakker Bart een ontbijtje komen eten/halen zijn ook heel divers, van zakenmannen in pak tot moslima's met veel kinderen, bouwvakkers en (bijna) daklozen. Vanmorgen werd ik aangesproken door een meneer die hier ook vaak komt en die (denk ik) binnen geen van de bovenstaande categorieën past. Hij vroeg me wanneer ik bij Pauw kom. Hij dacht ik een journalist was die columns schrijft. Daar heb ik dan toch niet bij stil gestaan, dat ik niet de enige ben die aan het observeren en (niet kloppend) interpreteren is. Laat ik daar dan in ieder geval maar even een column over schrijven...

3/21/2016

 

Moeten moslims afstand nemen van geweld in de naam van de islam?

Er stond een interessant artikel in de Groene Amsterdammer van 10 maart: 'Het blijft angstvallig stil' van socioloog Ruud Koopmans. Hij heeft onderzoek gedaan naar Europese moslims, waaruit blijkt dat 44% van de ondervraagde moslims er fundamentalistische ideeën op na houdt. Veel moslims stemden in met stellingen zoals: 'Joden zijn niet te vertrouwen', 'het westen wil de islam vernietigen' en 'voor mij zijn de regels van de koran belangrijker dan de democratie'.

Koopmans zegt:
De belangrijkste oorzaak van discriminatie is radicalisering van moslims. Europese burgers worden geconfronteerd met wandaden die in de naam van de islam worden begaan en aan de kant van gematigde moslims blijft het angstwekkend stil. ... Ik zou graag willen zien, en velen met mij, dat moslims afstand nemen van wandaden die worden begaan in naam van de islam. Maar ik zie zelden een demonstratie. ... Ik lees vooral persberichten van contactorganen dat de aanslagen niets met de islam te maken hebben en dat we ons moeten realiseren dat de westerse interventiepolitiek in het Midden-Oosten ook olie op het vuur gooit. Wat nodig is, is een hervorming van de islam. ... Pas als elke gelovige zijn eigen interpretatie van de islam mag hebben, en er niet meer voortdurend gekeken wordt naar de landen van herkomst die de migranten blijven voeden met vooroordelen en gedragsregels, zal de integratie voorspoedig kunnen verlopen. 
Ik vind het niet leuk om de uitkomsten van het onderzoek van Koopmans te lezen. Ik zou graag willen beweren dat de overgrote meerderheid van moslims in Europa vredelievend en gematigd is en er geen rare fundamentalistische ideeën op na houdt. Maar ik denk wel dat de uitkomsten van het onderzoek van Koopmans kloppen.

Ik ben het ook met hem eens dat moslims in Europa hun geloof zouden moeten hervormen en massaal afstand zouden moeten nemen van geweld in naam van de islam. Ik denk echter dat er drie belemmeringen / bezwaren zijn waardoor zijn ideeën in de praktijk moeilijk te verwezenlijken zijn:

2/26/2016

 

"Ik verwerp een samenleving met een diepgewortelde afkeer van 'de ander'

Er stond een mooi artikel van Asha ten Broeke in de Volkskrant van vandaag, daar wil ik graag een citaat van delen. Ze reageerde op een interview met VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra. Ze schrijft met humor en ze laat duidelijk zien dat Zijlstra met twee maten meet. En inderdaad zou een samenleving van mensen die open staan voor 'de ander ' en hun vooroordelen en generalisaties aan de kant zetten zoveel fijner zijn om in te leven. We kunnen veel leren van Levinas. (En wat is er nu zo erg aan het Suikerfeest, daar kunnen we best ook een leuke nieuwe mengelmoes van maken - met oliebollen?, net als de hutspot met halal worst waar ik eerder over schreef.)
"Onze manier van leven loopt gevaar. Dat stelde VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra vorige week in een interview met Trouw. 'Wij doen in Nederland heel veel concessies aan de manier van leven, onze waarden', zei hij, en gaf als voorbeeld dat sommige Amsterdamse schoolbesturen Tweede Pinksterdag misschien wel wilden inruilen voor het Suikerfeest. 'Elke keer een stapje weg van de Nederlandse achtergrond en cultuur.' Waarmee meteen glashelder was wie er volgens hem tot de categorie 'onze' of 'Nederlandse cultuur' behoren: moslims niet. Nou heb ik een donkerbruin vermoeden dat de meeste Nederlanders, ongeacht hun geloof, op Tweede Pinksterdag vooral een lekker lang weekend vieren. [...]
Naar aanleiding van deze uitspraken van Halbe Zijlstra voel ik me genoodzaakt om iets op te biechten. Beste meneer Zijlstra: ik wil u graag laten weten dat ook ik onze huidige samenleving verwerp. Ik verwerp regeringspartijen die met de bovenlip het liberalisme belijden, en met de onderlip (of -buik) onwelgevallig verklaarde minderheden hun vrijheden willen ontnemen. Ik verwerp politici die denken dat je kleingeestige ideeën moet bestrijden met een verbod in plaats van met betere ideeën. En ik verwerp een samenleving die zo'n diepgewortelde afkeer kent voor 'de ander' dat bij voorstellen als die van Zijlstra niet alle jaren-dertig-alarmbellen afgaan.

Vanwege dat verwerpen streef ik naar de oprichting van een links-feministische heilstaat - laten we het 'het falifaat' noemen. In het falifaat doen we alles om Zijlstra's interpretatie van de democratische rechtsstaat te ondermijnen. In het falifaat maken we wetten die emancipatie bevorderen in plaats van minderheidsmeningen onderdrukken, is gelijkheid tussen man en vrouw of homo en hetero veel meer dan alleen een stok om een moslim mee te slaan, zijn oorlogsvluchtelingen onvoorwaardelijk welkom, simpelweg omdat we ooit in Genève bij het kruisje tekenden voor hun mensenrechten, en eten politici liever hun blauwe zijden stropdas op dan sommige waarden of religies ondergeschikt te maken aan andere.

Het hypocriete neoliberale patriarchaat roep ik uit tot vijand van het falifaat, omdat het jokt: het beweert er te zijn voor alle burgers, maar probeert ondertussen een de facto dictatuur van de vermogende en/of mondige meerderheid te stichten.

Een waarschuwing: mijn plannen voor de verwerping van de samenleving moeten niet worden weggewuifd alleen omdat ik een ongelovige witte jonge vrouw ben met een ruime voorraad Nederlandse voorouders. Ik ben al lange tijd ernstig aan het radicaliseren; als u mijn laptop zou onderzoeken, zou u daar concreet bewijs aantreffen van plannen om uit te reizen naar een land dat beter bij mijn ideologie past, zoals IJsland, of misschien Canada.

Dus ik vraag het u, meneer Zijlstra: is het u echt menens? Want dan nodig ik u bij deze uit om ook mij te komen verbieden."

2/04/2016

 

Hutspot met Halal worst



Gisteren ging ik naar een thema-avond over interculturele communicatie in het Wereldhuis in Den Haag. Het was interessant, maar ik vind dat de wetenschappelijke modellen die behandeld werden inmiddels volledig achterhaald zijn. Ik denk dat we zulke modellen maar beter achterwege kunnen laten. De praktijk van (het Wereldhuis in) de Schilderswijk is veel interessanter… 

Het eerste model dat werd behandeld was de cultuur-driehoek van Gerd Baumann. De spreekster, Siela Ardjosemito-Jethoe, zei dat er volgens Baumann drie factoren zijn die een cultuur beïnvloeden: religie, nationaliteit en etniciteit. Ze zei dat het goed is om te kijken naar die factoren om te zien waar we staan en welke kant we op willen, hoe we ons willen ontwikkelen. Want cultuur is niet statisch maar dynamisch, het kan veranderen. En zelf heeft ze ook nog de factor "gender" aan het model toegevoegd.


Maar is het nu echt zo dat een bepaalde cultuur door deze drie/vier factoren wordt  bepaald? Ik denk dat er in een multiculturele omgeving als de Schilderswijk een heel web is van factoren die invloed hebben. Het is allemaal niet zo makkelijk meer in categorieën / hokjes in te delen - en dat hoeft ook helemaal niet. De factoren zijn zelf al vaak "multi": multi-religieus, multi-etnisch, multi-cultureel. De invloed van religie is diffuus: aan de ene kant is er een proces van ontkerkelijking in Nederland. Aan de andere kant is de islam in opkomst, maar er is geen "de islam", daar zijn ook weer veel verschillende varianten binnen. En of je mindfulness en yoga ook als religie kunt beschouwen is de vraag. Ook het begrip etniciteit is niet eenduidig. De spreekster vertelde dat haar man Japans is en dat zij in Nederland is geboren met Hindoestaans-Surinaamse ouders. Wat de etniciteit is van haar kinderen wordt langzamerhand onbenoembaar: Japans-Hindoestaans-Surinaams-Nederlands is een rare categorie. "Gemengd" is het enig mogelijke label. En er zijn nog zoveel meer factoren die een cultuur beïnvloeden: verschillen tussen stad en platteland, hoogopgeleid en laagopgeleid, rijk/arm, honkvast of reislustig etc. Je kunt niet altijd meer spreken van één bepaalde cultuur op één plek, het is eerder een waaier van subculturen.

Waarom willen we eigenlijk een model met categorieën, waar we mensen dan in proberen te proppen? Dat is helemaal niet nodig. Cultuur is inderdaad dynamisch en we kunnen zelf kiezen hoe we ons leven vorm geven. 

Ik vind het wel fijn om in een omgeving te leven waarin iedereen om mij heen verschillend is. Als ik nog zou willen segregeren in de omgeving waarin ik nu leef, dan zou het niet eens lukken (maar ik wil het dus ook niet). 

Een voorbeeld: Mijn zoontje gaat naar een nieuwe gastouder omdat de vaste Hollandse gastouder ziek is. De nieuwe gastouder is een Surinaamse moslima. We hadden het over Ilyes, de kleinzoon van de vaste gastouder. "Hé, dat is een islamitische naam", zei de nieuwe gastouder. "Ja, haar schoonzoon is Algerijns", zei ik (en over waarom mijn eigen kinderen ook islamitische namen hebben, daar hadden we het al eerder over gehad). Mijn omgeving is aardig een smeltkroes van religies en culturen. De hutspot met halal worst is bij ons goed ingeburgerd :)

Is er een alternatief voor het model van Gerd Baumann, wat betreft tools voor interculturele communicatie? Ik denk dat het vooral gaat om een houding van rekening met elkaar houden en open staan voor de ander. Het is handig om een beetje op de hoogte te zijn van wat belangrijk wordt gevonden in andere culturen. De Nederlandse cultuur is bijvoorbeeld mondig en direct. Dat kan in een andere cultuur soms beledigend overkomen. Dus daar kun je rekening mee houden door de manier waarop je bijvoorbeeld feedback geeft aan iemand met een andere culturele achtergrond (niet op een botte manier kritiek geven). Als je van beide kanten moeite doet om elkaar te begrijpen kun je samen zoeken naar manieren om goed met elkaar om te gaan. 

1/19/2016

 

Shiny happy people: de hele wereld rijk en rechtvaardig?

Volgens Rutger Bregman (27) - waar ik eerder over schreef - was de wereld 'nooit rijker, gezonder, veiliger en rechtvaardiger dan vandaag'.

Echt waar? Nog maar 10% van de wereldbevolking leeft in extreme armoede, en dat was vroeger 95%, zegt Bregman. Over gezondheid, veiligheid en rechtvaardigheid doet hij ook allemaal positieve en optimistische mededelingen.

M.b.t. armoede: Ruim vier miljard mensen leeft van 4 dollar per dag of minder. Zo rijk vind ik dat nou ook weer niet, voor de overgrote meerderheid van de wereldbevolking...

Bregman vervolgt: "De mondiale trend is hoopgevend: voor het eerst sinds de industriële revolutie en de kolonisatie krimpt de kloof tussen the West and the rest. Trek de lijnen door: tegen 2030 is de extreme armoede opgelost en op het einde van mijn leven zijn we in een totaal andere wereld aangekomen."

Dat gaat wel heel makkelijk allemaal, gewoon wat lijnen doortrekken. Maar misschien is de extreme armoede die nu nog bestaat behoorlijk hardnekkig en moeilijk te bestrijden? Landen met eeuwig durende burgeroorlogen, eindeloze droogte, geen economische ontwikkeling / geen infrastructuur / geen toerisme / geen value chains / geen belangrijke grondstoffen / geen dienstensector (de armste landen ter wereld), hoe gaan zij uit de armoede komen?

Interviewer: De VN gaat ervan uit dat we in 2050 met 11 à 12 miljard zijn. Dat zijn evenveel monden die gevoed moeten worden.

Bregman:  Er is genoeg voedsel om de wereld een paar kéér te voeden. Honger is geen capaciteitsprobleem, maar een distributieprobleem. Dat blijkt bij hongersnoden: er is genoeg voedsel – wij gooien zelfs één derde weg – maar het komt niet op het juiste moment op de juiste plaats terecht. Honger is een rechtvaardigheidskwestie, geen technisch probleem.
 
En goh, wat leven we nu dan in een rechtvaardige wereld zeg, met aan de ene kant overdadige rijkdom en aan de andere kant zoveel mensen die - onnodig - honger lijden.
 
Stichting Vluchteling zegt dat het jaar 2015 een recordjaar was, nooit eerder waren er zoveel mensen op de vlucht: 60 miljoen mensen. En mensen laten niet zomaar hun huis en haard achter voor een gevaarlijke tocht en een onzekere bestemming. Ze gaan echt niet weg omdat ze in hun vaderland zo'n rijk, gezond, veilig en rechtvaardig leven hadden.
 
Rutger Bregman gooit wel erg veel zaken op één hoop. Als je zoveel factoren door de eeuwen heen wilt vergelijken dan moet je dat heel zorgvuldig doen. Ik zou zeggen: doe over een paar jaar nog eens een nieuwe poging...

 


12/29/2015

 

Sluipende vormen van het kwaad

Toen de film was afgelopen heb ik het boek "Het kwaad denken, een andere geschiedenis van de filosofie" van Susan Neiman er nog eens bij gepakt. Zoals te verwachten was wordt er in het boek veel aandacht besteed aan Hannah Arendt, en in het bijzonder aan "Eichman in Jerusalem, de banaliteit van het kwaad". Susan Neiman zegt dat het werk van Hannah Arendt een kader biedt waarbinnen we ons in de wereld kunnen oriënteren, waarin het kwaad kan worden gevat, zonder dat we ons daarin te veel op ons gemak gaan voelen.

Aan het einde van het boek analyseert Susan Neiman de aanslagen van 9/11. Ze maakt een onderscheid tussen simplistische demonische voorstellingen van het kwaad en meer sluipende vormen. De sluipende niet zo zichtbare vormen vind ik het meest interessant. Ze schrijft dat we in Auswitz gezien hebben "hoe makkelijk misdaden gepleegd worden door een bureaucratisch apparaat van gewone mensen die niet onder ogen willen zien wat ze precies aan het doen zijn". In vergelijking daarmee was het schokkend om te zien dat er bij de terroristen van 11 september sprake was van een duidelijk doelbewust, weloverwogen kwaad. De verleiding is dan groot om een simplistische demonische voorstelling van het kwaad te maken, met hetzelfde soort slechteriken als in b-films uit Hollywood. Maar met simplistische zwart-wit voorstellingen is het gevaar dat we meer sluipende vormen van het kwaad over het hoofd zien.

***

Als filosoof is Hannah Arendt sterk in het analytisch nadenken. Ik heb het gevoel dat er in deze tijd ook een sluipend kwaad zich aan het verspreiden is, dat onvoldoende wordt opgemerkt.

Ik zal nu als denkoefening een vinger proberen te leggen op waar volgens mij de zere plek zich bevindt. Mijn analyse heeft betrekking op het kerstessay "Wie de wereld wil veranderen moet onredelijk, onrealistisch en onstuitbaar zijn", van Rutger Bregman uit De Correspondent.

Het kernbegrip waar ik op zal focussen is ontmenselijking. Ik heb er vaker over geschreven, aangezien het ook een kernbegrip is bij Levinas. Om in de beeldvorming voorstellingen te maken, woorden te gebruiken, waarbij het lijkt alsof mensen niet langer mensen zijn, dat is volgens mij een sluipend kwaad dat te weinig wordt opgemerkt, en dat verstrekkende gevolgen kan hebben.


Hier volgt een deel van het essay:

Hilversum, 23 november 2013. Het is halftien ‘s ochtends als op de derde verdieping van het NOS-gebouw het interview begint. Geert Wilders zit in de studio van de VPRO tegenover drie journalisten. Vanaf de eerste minuut duiken de interviewers als bloedhonden op hun prooi. Wilders wordt voortdurend afgekapt en krijgt nauwelijks de kans om een punt te maken. In anderhalf uur tijd wordt hij uitgemaakt voor leugenaar, racist en fascist. De felste van de drie journalisten is Max van Weezel, de nestor van het weekblad Vrij Nederland. Na een kwartier concludeert hij al dat Wilders voor de rechter kan worden gesleept. De politicus zou een angstzaaier zijn en een fantast. De multiculturele samenleving is een feit, dé Nederlandse cultuur bestaat niet en vluchtelingen zullen altijd welkom blijven. Daar kan de PVV niets aan doen. Wordt het dus niet gewoon tijd om de partij op te heffen? ‘Ik zie het zo somber niet in,’ antwoordt Wilders. ‘U zegt steeds dat wij nooit gelijk krijgen, maar ik denk daar anders over.’

Het bovenstaande verhaal is waargebeurd - op twee details na.
In de eerste plaats vond het gesprek niet plaats op 23 november 2013, maar precies dertig jaar eerder, in 1983. Max van Weezel was dus niet 62 jaar oud, maar 32 en net begonnen als veelbelovend talent bij Vrij Nederland. In de tweede plaats werd niet Geert Wilders gefileerd, maar de fractievoorzitter van een geminachte partij die nauwelijks iets voorstelde in de peilingen: Hans Janmaat.


Het is een verbluffende ervaring om het interview van toen terug te luisteren. Het eerste wat opvalt is hoe genuanceerd Janmaat was. Hij formuleerde voorzichtig en twijfelde openlijk. Hij benadrukte dat hij tegen racisme was en tegen iedere vorm van geweld. ‘We hebben politieke vluchtelingen,’ stelde Janmaat bovendien. ‘Iedereen die hier mag blijven kan er dus niet uit. Wij zijn een rechtsstaat.’
De drie journalisten komen ondertussen ronduit onbeschoft en hysterisch over. Toen Janmaat begon over de achtergestelde rol van de vrouw binnen het islamitische gezin werd er lachend gereageerd – dat was bij de katholieken toch ook zo? ‘Als u hun het recht geeft op een paar eeuwen van ontwikkeling,’ sneerde Van Weezel, ‘dan hebben de islamieten in Nederland precies datzelfde recht. En als u ze dat recht niet geeft, discrimineert u!’
Een van de andere interviewers vroeg Janmaat of hij kon uitleggen wat nu het probleem is met de multiculturele samenleving. Spanningen? Criminaliteit? Waar dan? ‘Het lijkt wel alsof ik met mensen spreek die zo van de maan komen hobbelen,’ antwoordde Janmaat. ‘Jullie zijn toch journalisten? Ga eens de wijken in.’

De fractievoorzitter van de kleine Centrumpartij kon niet vermoeden hoe groot zijn gelijk zou worden. In augustus 2015 zei Max van Weezel in NRC Handelsblad dat hij zich inmiddels ‘persoonlijk bedreigd’ voelt door de opmars van de radicale islam. En hij gaat nu regelmatig de wijken in. ‘Ik fiets weleens door Slotervaart of Osdorp om te kijken hoe erg het is. Of de baarden langer worden. Of er nog vrouwen met make-up rondlopen.’

Het lijkt, kortom, alsof de wereld in dertig jaar op zijn kop is gezet.
Indertijd kreeg de VPRO woedende reacties. Niet omdat de interviewers te grof waren, maar omdat ze Janmaat überhaupt een podium hadden geboden. De jonge Van Weezel, die nu onbeschoft en naïef overkomt, was in die tijd juist een journalist met lef. ‘De VPRO vond het taboedoorbrekend om Janmaat kritisch aan de tand te voelen,’ herinnerde hij zich jaren later. ‘Alleen dat voornemen leidde al tot opgefokte reacties - ook in mijn eigen vriendenkring.’

Hans Janmaat werd voor de rechter gesleept voor uitspraken die nu aan de lopende band worden gedaan, ook ter linkerzijde. Hij werd genegeerd door andere politici, beschimpt door demonstranten en afgeluisterd door de geheime dienst. Op 9 juni 2002 overleed Hans Janmaat, een maand na Pim Fortuyn. Maar waar de laatste werd verkozen tot ‘Grootste Nederlander Aller Tijden,’ ging de eerste als grote mislukkeling de geschiedenis in. Hij was geen man om vaak aan terug te denken, zo schreef zelfs de conservatieve historicus Bart Jan Spruyt. Aan het einde van zijn leven had Janmaat zich ontpopt als een ‘kleine, boze burgerman, met foute ideeën die hij schuimbekkend en zuigend naar voren bracht, een aartstreiteraar en leugenaar, ziek en zielig, volstrekt paranoïde, gespeend van talent en charisma, een slecht verliezer ook…’

Het enige punt is: dit zielige hoopje mens had volledig gelijk gekregen.
Heeft Janmaat volledig gelijk gekregen? Hoezo, wie bepaalt dat? De ideeën van Janmaat passen nu beter bij de publieke opinie, bij het heersende discours, in vergelijking met 30 jaar geleden. Over wie er waarin gelijk heeft zegt dat niets. Janmaat was minder slim en hij kon de media moeilijker bespelen en beïnvloeden dan Wilders. Ook waren de ideeën van Janmaat denk ik minder gevaarlijk dan van Wilders. Ik zal geen vergelijkingen maken met de Tweede Wereldoorlog. Vergelijkingen lopen vaak spaak, er zijn ook altijd duidelijke verschillen aan te wijzen. Maar het is duidelijk dat Wilders met zijn taalgebruik bezig is met een campagne van ontmenselijking. Een paar jaar geleden wilde hij een 'kopvoddentax' invoeren voor moslima's. Dat klinkt misschien grappig, maar het is niet zo onschuldig als het lijkt. Mensen hebben een hoofd, alleen dieren hebben een kop. Dus hij had het toch echt hoofddoekenbelasting moeten noemen. Een van Wilders beroemdste uitroepen is "Minder, minder, minder Marokkanen". Maar Marokkanen zijn mensen, zij zijn geen ongedierte waar je vanaf probeert te komen.

Eerst reageren mensen geschokt op Wilders' uitspraken, maar al gauw raken we eraan gewend. Nu is hij enorm populair en wordt hij misschien gekozen tot premier. En Max van Weezel gaat nu rondfietsen om te kijken hoe lang de baarden zijn in de wijk en of er nog vrouwen zijn die make-up dragen, staat er in het essay van Bregman. Hij fietst rond en hij kijkt, en daar baseert hij zijn oordelen op. Dat zijn vooroordelen. Waarom neemt hij niet de moeite of heeft hij niet het lef om met mensen zelf te praten? Met de ander in gesprek gaan is een stuk informatiever dan naar baarden en make-up kijken.

Bregman verklaart de veranderingen in de afgelopen 30 jaar met behulp van het Raam van Overton:
Het was Joseph Overton, een Amerikaanse jurist, die in het midden van de jaren negentig uitlegde hoe de Politiek met hoofdletter werkt. Hij stelde een simpele vraag: hoe kan het dat zoveel goede ideeën niet serieus worden genomen? Als antwoord schetste hij een eenvoudig schema, dat na zijn dood het ‘Raam van Overton’ is gaan heten. Het ziet er zo uit:



Overton realiseerde zich dat een politicus, als hij herkozen wil worden, niet te extreem mag zijn. Zijn ideeën moeten in het midden van het raam vallen, van ‘acceptabel’ tot ‘beleid.’ Hier vindt de politiek met kleine letter plaats, hier doet de Haagse journalistiek verslag en hier gaat het over aan tafel bij Matthijs van Nieuwkerk. Binnen dit raamwerk bevinden zich de ideeën die door de experts zijn goedgekeurd, zijn doorgerekend door het Centraal Planbureau en die kans maken in het Wetboek te eindigen.
Wie buiten het Raam van Overton stapt, maakt het zichzelf meteen moeilijk. Hij zal al snel als ‘onrealistisch’ of ‘onredelijk’ worden weggezet in de media, die de meest geduchte poortwachters van het raam zijn. 
En toch, dat is het wonderlijke, kan een samenleving in dertig jaar totaal veranderen. Janmaat probeerde zijn leven lang het Raam van Overton te verschuiven. Een klassieke strategie hiervoor is om dingen te roepen die zo schokkend en radicaal klinken dat iets minder radicale ideeën ineens best redelijk klinken. Oftewel: om van iets radicaals iets redelijks te maken, moet je nog radicaler worden. Dit kan ook een effectieve mediastrategie zijn: je uitspraken worden nieuws omdat ze bizar zijn, niet omdat je ze goed hebt onderbouwd.

Donald Trump in de VS en Geert Wilders in Nederland beheersen deze kunst als geen ander. Ze worden lang niet altijd serieus genomen, maar trekken het Raam van Overton ondertussen wel hun kant op. In vergelijking met een ‘kopvoddentaks’ of ‘minder, minder, minder’ klinkt de recente uitspraak van Jeroen Dijsselbloem (de vluchtelingen komen onze welvaartsstaat ‘opblazen’) allang niet zo radicaal meer. Maar vergis je niet: nog geen twintig jaar geleden was het ondenkbaar dat een PvdA’er zoiets zou zeggen.
Inderdaad: om van iets radicaals iets te maken wat best redelijk klinkt, moet je nog radicaler worden. Je overdrijft als een gek. En de iets minder radicale ideeën worden dan op den duur normaal en acceptabel gevonden. Zo sluipt het kwaad van de ontmenselijking naar binnen. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de vredelievende islam van de meerderheid van de moslims in de wereld en de extremisten / Jihadi's / terroristen die in de naam van de islam misdaden plegen. De islam moet verboden worden, alle moskeeën moeten dicht en de grenzen gaan dicht voor alle vluchtelingen (politiek of niet maakt niet uit).

Het proces van ontmenselijking gaat haast ongemerkt. De recente aanslagen, de opmars van IS, de problemen in de wijken, de grote vluchtelingenstromen, dat alles werkt Wilders in de hand. Hij heeft zijn tijd mee en hij pakt het slim aan. Maar dit sluipende kwaad is erg gevaarlijk.We kunnen het kwaad herkennen aan de overdrijving, generalisaties, simplificaties, polarisatie (wij-zij denken) en verdekte vormen van racisme. De verandering van het heersende discours, dat veel mensen ongemerkt meedoen aan het proces van ontmenselijking, dat is erg gevaarlijk.

Wat we nodig hebben zijn mensen die goed nadenken, die alles grondig analyseren, net als Hannah Arendt, en die dan in actie komen. We kunnen de ontmenselijking alleen tegen gaan door zelf genuanceerd en onbevooroordeeld te proberen te denken. Daarmee is ons verzet misschien een stil verzet en komende we niet zo in de media als de opvallende schreeuwlelijkerds. Maar hoe meer mensen door hebben wat er gaande is, hoe beter we ons kunnen verzetten.


12/25/2015

 

Het radicale kwaad

Ik ben de film "Hannah Arendt" aan het kijken. Het is een goede film. Er zijn een aantal overeenkomsten tussen Hannah Arendt en Levinas (beiden Joods, ze leefden ongeveer in dezelfde tijd, beiden leerlingen van Martin Heidegger - paradoxaal genoeg, en een centrale vraag voor hen beiden is hoe het heeft kunnen gebeuren, de Holocaust).

In de film, tijdens een hoorcollege, zegt Hannah Arendt tegen haar studenten: "Het radicale kwaad, het grote kwaad, dat begaan mensen niet vanuit een begrijpelijk en menselijk motief zoals egoïsme. Het doel van concentratiekampen was om mensen als mensen overbodig te laten zijn, dat mensen zich overbodig, niet bestaand zouden voelen." Zo'n doel van ontmenselijking gaat verder dan het dienen van persoonlijke belangen van de mensen die de bron zijn van het radicale kwaad. Ze doen het volgens Arendt niet in de eerste plaats om er zelf beter van te worden.

Dat is interessant om over na te denken. In deze tijd kun je dat ook zeggen over IS: het geweld, het radicale kwaad en de vernietiging van 'de ander' is voor hen een soort doel op zich.

Hoewel van een andere orde, kun je misschien zelfs van Wilders zeggen dat zijn strijd tegen moslims op andere motieven gebaseerd is dan puur eigenbelang.



This page is powered by Blogger. Isn't yours?